Menu Sluiten

Voor de land- en tuinbouwsector worden er nog extra ondersteuningsmaatregelen voorzien

Voor een aantal vitale sectoren voorziet de regering nog extra ondersteuningsmaatregelen op het vlak van tewerkstelling. Het gaat om de volgende vitale sectoren:

  • Landbouw (PC 144), voor zover de werknemer uitsluitend wordt tewerkgesteld op de eigen gronden van de werkgever;
  • Tuinbouw (PC 145), met uitzondering van de sector inplanting en onderhoud van parken en tuinen (PC 145.04);
  • Bosbouw (PC 146);
  • Uitzendarbeid (PC 322) voor zover de uitzendarbeider wordt tewerkgesteld bij een gebruiker in één van de voornoemde sectoren.

Deze lijst van vitale sectoren kan bij K.B. nog worden uitgebreid.

Welke maatregelen worden voorzien?

1. Werknemers in tijdskrediet, thematisch verlof of loopbaanonderbreking
Voor werknemers in tijdskrediet, thematisch verlof of loopbaanonderbreking bestaan er twee mogelijkheden: enerzijds kan hun lopende loopbaanonderbreking bij een werkgever uit een vitale sector tijdelijk geschorst worden, anderzijds kunnen zij tijdens hun lopende loopbaanonderbreking tijdelijk tewerkgesteld worden bij een werkgever uit een vitale sector. Beide maatregelen kunnen zowel bij een volledige onderbreking als bij een vermindering van arbeidsprestaties worden toegepast.

Tijdelijke schorsing van een lopende loopbaanonderbreking bij een werkgever uit een vitale sector
Een werkgever uit een vitale sector kan met zijn werknemer overeenkomen om diens tijdskrediet, thematisch verlof of loopbaanonderbreking tijdelijk te schorsen. Hierdoor kan de werknemer meer werken bij zijn eigen werkgever. Tijdens de schorsing heeft de werknemer geen recht op onderbrekingsuitkeringen. Na afloop van de schorsing wordt het tijdskrediet, thematisch verlof of loopbaanonderbreking verder gezet voor de resterende duur.

Tijdelijke tewerkstelling tijdens een lopende loopbaanonderbreking bij een werkgever uit een vitale sector
Een werknemer kan tijdens zijn lopende loopbaanonderbreking tijdelijk gaan werken bij een andere werkgever uit een vitale sector zodat hij daar een eventueel tekort aan arbeidskrachten kan opvangen. De arbeidsovereenkomst bij deze andere werkgever wordt schriftelijk vastgesteld met als uiterste einddatum 31 mei 2020.
Tijdens die tewerkstelling heeft de werknemer recht op 75% van de bruto-onderbrekingsuitkering. De uitkering wordt pro rata berekend voor onvolledige maanden.

Praktisch
De werknemer moet de RVA schriftelijk op de hoogte stellen van de schorsing of tijdelijke tewerkstelling bij een andere werkgever via een speciaal formulier dat terug te vinden is op de website van de RVA: https://www.rva.be/nl/documentatie/formulieren/mededeling-schorsing-tewerstelling-corona.
De RVA stuurt een brief naar de werknemer om hem te bevestigen dat hij akte genomen heeft van de melding.

2. Tewerkstelling van SWT’ers
Een werknemer die met SWT (het vroegere brugpensioen) is en die het werk tijdelijk herneemt bij zijn vroegere werkgever uit een vitale sector, krijgt zijn aanvullende vergoeding doorbetaald. Er zijn geen sociale bijdragen op verschuldigd. Deze maatregel geldt tot en met 31 mei 2020.

Bron: Bijzondere-machtenbesluit nr. 14 van 27 april 2020 tot uitvoering van artikel 5, § 1, 5° van de wet van 27 maart 2020 die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19 (II) tot vrijwaring van een vlotte arbeidsorganisatie in de kritieke sectoren, B.S. 28 april 2020, 2e editie; www.rva.be

nl_NLDutch
nl_NLDutch